| Bundel |
|
|
|
Wonen is een basisbehoefte om te kunnen leven! Als men deze basisbehoefte negeert, negeert men ook mens-zijn zelf. Degelijk wonen is een mensenrecht.
Wonen en omgeving
1. Inleiding Om dat recht te verwezenlijken, bots je op veel tegenwerking. We botsen op gevoelens van superioriteit, op machtsposities. Er is veel misbruik door de onwetendheid van mensen die hun rechten niet kennen. We worden gekwetst, en kunnen dat niet uiten. Slecht wonen en botsen op muren van onbegrip heeft een weerslag op ons hele leven. Het weerspiegelt zich in allerlei gedragingen. Op den duur worden we moedeloos, en leggen we ons bij de situatie neer. En dan krijgen we nog het verwijt dat we er niets aan willen doen!
Er bestaan wetten en reglementen die ons in onze kwetsbare woonsituatie beschermen. Maar we kennen ze niet, of zien het bos niet meer door de bomen. We zouden ons moeten toeleggen op het afdwingen van onze rechten. Dus we moeten ons op de eerste plaats toeleggen op de kennis van onze rechten. Er bestaan verschillende organisaties die ons daarbij kunnen helpen (AOW in Brussel, de huurdersbond en ook het ACW werkt rond die problematiek en onze eigen verenigingen zoals de Beweging van mensen met een laag inkomen). Het is belangrijk dat we front vormen, politici aanspreken en vooral ook opvolgen!
*Ervaringen tijdens de startavonden van Welzijnszorg met als thema 'Hoog tijd voor een beter woonbeleid': -Ik had in Gent te weinig tijd om mijn verhaal te vertellen, de tweede keer in Zottegem ging het veel beter. (ze had het tegen de verantwoordelijke gezegd dat ze de eerste keer niet genoeg had kunnen vertellen en dat hielp! Opkomen voor jezelf helpt dus!) -ik vraag me af of mijn getuigenis wel iets uithaalt. Na mijn getuigenis kwamen veel mensen zeggen dat ik het goed verteld had, maar ik heb niet het gevoel dat er wezenlijk iets verandert aan de slechte woonsituaties. Zij ziet het echter positiever: zij denkt dat het wel effect zal hebben, maar dan op lange termijn! -Wie komt er zoal luisteren op zo'n startdag? De gegoede burger leert hoe armoede is, en dit opent de ogen. Iemand stelt hierbij de vraag of dat dan wel echt zo is? Opent een getuigenis echt iemand zijn ogen? Iemand zegt dat je je heel goed moet voelen voor je getuigenis er spontaan uitkomt. 'Wij zeggen niet zo vlug iets'. Iemand is vooral boos op de burgemeester van Gent die wel drie keer zei dat er in Gent geen armoede is! -Wat zou het gevolg kunnen zijn van een startdag van Welzijnszorg? In ieder geval hebben de mensen onze klacht gehoord, bv. het feit dat ons inkomen altijd gelijk blijft, maar dat de huurprijzen altijd maar stijgen, zelfs in sociale woningen. De Volkshaard hoorde deze klacht ook, en verdedigt in onderhandelingen dat de benedengrens van de huurprijs van een sociale woning afgeschaft wordt. -Hebben campagnes van Welzijnszorg wel effect? In de campagnekrant van dit jaar rond 'Hoog tijd voor een beter woonbeleid' staan de gevolgen van de campagne van Welzijnszorg van 11 jaar geleden die ook over wonen ging. Enkele gevolgen van deze campagne zijn dat het recht op wonen opgenomen is in de grondwet en dat de huurwet is aangepast. Campagnes kunnen dus zeker een (structureel) effect hebben.
Jne. : Hoe meer je er mensen voor warm maakt, hoe meer je kans hebt iets te bereiken. Een gewone mens kan medeleven betuigen. Die wat hoger staat, kan er dan ook echt iets aan doen. Hoe meer mensen meeleven, hoe gemakkelijker het onder de aandacht kan gebracht worden van politiekers. Het is werk op langere termijn
J. : Ik geloof er niet in. Je kan zien aan de gezichten dat ze je niet snappen en dat het hun niet interesseert. Ik zag enkele dagen geleden de gevolgen daarvan : iemand die niet wist waarin of waaruit pleegde zelfmoord!
Jne. : Hulpverleners en vrijwilligers tonen soms niet meer wat het hen doet, omdat ze een schild nodig hebben tegen het leed dat ze alle dagen tegenkomen.
2. Getuigenissen
"Vroeger woonde ik in een huisje waar er zwarte plekken op de muren waren. Er zijn mensen naar komen kijken van een dienst van de stad Gent, het huis werd onbewoonbaar verklaard en ik kreeg een blad waarmee ik het huurcontract zonder kosten kon stoppen. Dit liet me toe om onmiddellijk een nieuwe woning te betrekken die ik al op het oog had. De eigenaar zelf moest een aantal dingen binnen de 48 uur in orde brengen of ze zouden ook de woning verzegelen en onbewoonbaar verklaren.
Later kwam ik in een klein huisje, juist naast een café, terecht. De eigenaar van dit huisje is een brouwer. Deze kocht het kleine huisje om zijn café uit te bouwen, maar hiervoor kreeg hij geen vergunning en nu wil hij niets meer aan het huis verbouwen. Gelukkig kan ik het huisje nog goedkoop huren, ik betaal 206 euro in de maand. Het huis is wel in slechte staat: het toilet is buiten, in de winter is er dus geen lopend water en als het regent moet ik met mijn paraplu naar de toilet. Er zitten bijen in de voegen van de muren, de steentjes in de douche brokkelen af, het dak is als een vergiet, de muren zijn vochtig, je krijgt vuurwerk als je een pries in het stopcontact steekt. Ik heb zelf veel gerepareerd aan het huisje. De meeste materialen heb ik niet zelf aangekocht, maar heb ik gekregen of ik gebruikte brokstukken van andere woningen. Ik heb zelf venyl op de vloer gelegd, maar er komt vocht uit de tegels en het water blijft er zo opstaan. In het keukentje heb ik vezelplaten op de muren vastgemaakt en daar heb ik dan tegels tegen gehangen. De pompsteen die in mijn keuken stond, liep niet af, en ik heb de pompsteen uit het oude café genomen en deze zelf bij mij geïnstalleerd.
Mijn huisje bestaat uit drie plaatsen beneden: een voorplaats, een middenplaats en een keukentje van ongeveer 9 m². Boven heb ik twee kamers en een douchecel. Eind oktober zal ik er 3 jaar wonen. Via het OCMW heb ik al een brief naar de Huurdersbond geschreven, omdat mijn schouwen niet werken, maar de eigenaar heeft laten weten dat hij niets meer aan het huisje wil doen, het zal toch gesloopt worden. Ik heb mijn schouw dan maar zelf gerepareerd. Samen met mijn buurman heb ik de pijp kapot geslagen, al het vuil eruit gehaald en terug toegemaakt. Gelukkig kan ik steeds rekenen op mijn buren. Ik ben ook al eens gaan informeren voor een sociale woning bij het OCMW, maar ik heb nog altijd geen nieuws gekregen.
Ik zou graag een woning kopen en er zelf in werken, maar ik krijg geen lening. Als eigenaar kan je heel wat subsidies krijgen om bepaalde dingen te repareren. Ik heb een nieuwe woning op het oog, misschien verhuis ik wel na de winter. Ik heb al contact gehad met de eigenaar, hij vraagt 18000 fr. in de maand, water en electriciteit inbegrepen."
"Toen ik pas getrouwd was woonde ik in een huisje waar de paddestoelen op de muur groeiden, er groeide zelfs een boompje op de zolder! Hier ben ik 1 jaar gebleven, toen is het huis onbewoonbaar verklaard door de stad, maar toch heeft de eigenaar het nog verder verhuurd aan andere mensen. Via de Beweging heb ik meteen een sociale woning gekregen in de Zebrastraat. Het was dit huisje nemen of geen huis hebben. In '82 ben ik in de Zebrastraat gaan wonen. In het begin werden we vaak door de bewoners gepest. Ik heb er ongeveer 20 jaar gewoond, er was weinig comfort. Er werd mij een andere woning toegekend op Oostakker, maar dit weigerde ik. De woning ligt te ver van de Zuidpoort en is ook te ver van het station. Dit is niet handig voor het werk van mijn zoon. Later kreeg ik dan mijn nieuwe woning toegekend en ik moest op drie weken verhuizen. De hele verhuis moest ik zelf organiseren: alles inpakken,... Een verhuiswagen is mij te duur, gelukkig kende ik wel iemand die wou rijden.
Toen ik in mijn nieuwe woning kwam wonen, stelde ik al snel vast dat één van de muren altijd nat was. Ik meldde dit aan de huisvestingsmaatschappij, maar die zeiden me dat ik maar wat meer moest stoken. En dat terwijl mijn kachel nog in het huisje in de Zebrastraat stond! Later stookte ik dan wat meer, maar dit hielp natuurlijk niet, en ik bleef maar aandringen om toch eens te komen kijken wat er met dat huis mis was. Ze kwamen kijken, deden een paar metingen, maar er kwam geen gevolg. Pas een jaar en 6 bezoeken later, zijn ze zonder te verwittigen de herstellingen komen uitvoeren.
Ik ben nu wel tevreden in mijn nieuwe woning, hoewel de prijs twee jaar geleden van 150 naar 200 euro gestegen is. Ik beschik nu tenminste over een aparte badkamer en een keuken. Ook de tuin vind ik prettig: nu kan ik tenminste eens buiten als het goed weer is, eens buiten eten en er ook mijn was drogen. Mijn droogkast heb ik kunnen wegdoen, want ook binnen heb ik nu meer ruimte om eens iets te drogen. Wel heb ik boven minder kamers dan vroeger: toen had ik twee grote en twee kleine slaapkamers, nu twee kleine en 1 middelgrote. In de kleine kamers kan er dan ook geen kleerkast meer bij. Maar ja, het blijft toch wel een verbetering, en ook met de buren begin ik goede contacten te hebben."
De onbewoonbaarheidsverklaring wordt niet ervaren als een voordeel door de mensen. Je kan dan wel meteen uit de woning en de eigenaar mag zijn huisje niet verder doorverhuren, maar dan sta je zelf ook wel op straat, want er staan heel veel mensen op de wachtlijst voor een sociale woning. Mensen huren een slechte woning, omdat ze niets anders vinden dat ze kunnen betalen. Eigenaars profiteren van de handigheid van hun huurders, ze laten hen de woning helemaal opknappen en dan zetten ze deze huurders op straat. Dit valt enorm tegen als je maar een klein inkomen hebt."
"Ik woonde een tiental jaren in slechte omstandigheden. We woonden in een bepaalde wijk. In het begin was het daar wel nog redelijk leefbaar, maar de huizen takelden wel af, en de maatschappij wou er niet meer renoveren. Op het einde was het dan echt niet meer leefbaar. Er waren meer planken dan ruiten in de vensters, het werd er heel vochtig, je kon door de planché het licht bij je onderbuur zien branden. Het waren allerlei omstandigheden die je in een normaal huis niet ziet, maar hier wel.
Als je slecht woont, dan voelt ge u ook niet goed. Je verliest ook al je sociale contacten en menswaardigheid. Je wordt overal uitgesloten. In je huis kan je niet op je gemak zijn en normaal leven, en dat tast uw maatschappelijk leven aan. Ik kon geen mensen uitnodigen omdat ik me schaamde om in zo'n toestand te moeten leven. Je leeft dan ook meer op straat dan in uw huis, want je kan het er niet gezellig maken. Je voelt u beschaamd dat je mensen zo moet ontvangen en zou liever uw deur dichthouden.
Mijn zoon vond dat verschrikkelijk. Hij kon ook nooit vrienden meebrengen. Voor het raam van zijn kamer zat ook een houten plank in plaats van een venster. Als hij op school zie dat hij daar in die wijk woonde zeiden ze: "ah, gij woont daar!" En mijn zoon voelde zich daardoor niet goed, hij werd er ziek van. Hij had ook schrik van de krakers die daar kwamen wonen. Je moet niet rijk zijn om je kinderen goed op te voeden. Maar als hij dat dan zag.
Dat slecht wonen had ook een weerslag op zijn gezondheid. Hij was al een astmapatiënt, maar door de vochtigheid verslechterde zijn toestand alsmaar. Op den duur moest ik ongeveer wekelijks de ambulance opbellen, en de laatste jaren werd hij meestal opgenomen in de spoedafdeling.
Nu woon ik veel beter en heel gezond. Je voelt je goed en je wil ook weer aan je huis werken, wat verven en zo, om het gezellig te maken. Je voelt je weer wat meer mens. Nu kan ik ook weer eens mensen uitnodigen. Je bouwt weer sociale contacten op. Ik win terug aan krachten om alles weer wat op zijn pootjes te zetten.
Ik vind het onrecht dat mensen nog in zo situaties moeten leven en vechten voor waar je recht op hebt!
3. Sociale huisvesting
We ervaren een teloorgang van het sociaal woningaanbod: de vraag is veel groter dan het aanbod. Dit komt ondermeer door het verkopen van sociale woningen, maar ook door het toenemen van de vraag, ondermeer door de vluchtelingen. Deze staan meestal in de zwaktste positie en krijgen voorrang. Ook de armoede hier stijgt, zodat meer mensen een beroep willen doen op een sociale woning, of er voor in aanmerking komen.
Sociale huisvestingsmaatschappijen die nieuwe sociale woningen willen zetten op plaatsen waar nu krotten staan, krijgen vaak de mensen die in deze krotten wonen niet elders gehuisvest, dus kunnen de krotten niet gesloopt worden. Een ander probleem is dat sociale huisvestingsmaatschappijen te weinig geld hebben om zo'n projecten uit te voeren.
Er zijn grote verschillen tussen de sociale huisvestingsmaatschappijen, zo zijn er bijvoorbeeld blokken van de Volkshaard waar enkel gezinnen wonen die twee auto's bezitten. Zo vallen lagere inkomens uit de boot. Er is een nieuwe tendens: sociale huisvestingsmaatschappijen geraken niet meer uit hun kosten en nemen dus ook 'rijkere' gezinnen op in hun sociale woningen. Zo blijven er wel minder woningen ter beschikking van de 'armere' gezinnen. Sociale mix moet dus voor een oplossing van de financiële problemen zorgen.
Voor sommigen is een sociale woning een goede oplossing. Iemand vertelt over de vochtige muren in haar sociale woning. Ze heeft wel 10 keer moeten aandringen bij de sociale huisvestingsmaatschappij voor ze het probleem aanpakten. Het duurt dus vaak heel lang voor men effectief iets herstelt. Vaak komen ze dan ook iets herstellen zonder de huurders vooraf te verwittigen. Sociale huisvestingsmaatschappijen werken vaak met minderwaardige materialen om hun huizen te bouwen.
dat (de financiële nood van de huisvestingsmaatschappij), maakt dat er mensen met lage inkoms zijn die hoegenaamd geen sociale woning maar vinden! Hun nieuwbouw is mooi en net, maar geeft nog steeds 'stekkendooskes', veel te klein, en de prijzen zijn zodanig dat de laagste inkomens er geen kans op maken. Er wordt vanuit de sociale huisvestingsmaatschappij zelf geselecteerd : de mensen met de laagste inkomens zetten ze zelf in hun oude gebouwen, die ze dan ook nog slecht onderhouden. Zo klopt dat niet wat ze zeggen van die sociale mix!
Andere deelnemers vonden dat de meeste sociale woningen wel goed onderhouden worden door de maatschappij, maar je moet zelf aan de bel trekken bij de technische dienst. De wijken die ze toch gaan afsmijten, zoals de Zebrastraat, vormen hierop een uitzondering : ze laten deze toch verkommeren en de herhuisvesting duurt zeer lang!
je moet nog steeds een grote stoemp (een lange arm) hebben om aan een woning te geraken. Wie beslist eigenlijk aan wie de woningen toegewezen worden? Wonen die mensen zelf in de stad, Zien ze wat er gebeurt? Wie oefent er dan controle uit? Voor wie, waarom en waardoor (prijs) zetten ze woningen?
alle sociale huisvesting is niet gelijk. Ik heb tegenstrijdige ervaringen. Eén sociaal compleks dat g,en dat ze lieten verkrotten. Het was niet te verwarmen. Waar ik nu woon, wordt het goed onderhouden. De nieuwe sociale woningen zijn normaal goed. Dit maakt echter dat ze te duur worden.
mijn boiler zijn ze direct komen maken, maar je moet er zelf voor bellen.
4. De private woonmarkt
Op de private markt zijn er veel misbruiken. We kunnen ons wel richten tot de ROM die controles komt uitvoeren. Maar als de eigenaar nadien niets verandert, wordt de woning onbewoonbaar verklaard, en zijn we mee de dupe van de hele situatie. We komen dan gewoon op straat te staan. Normaal moet de stad dan bij voorrang zorgen voor een nieuwe huisvesting. Maar ze zeggen dan dat ze er niets kunnen aan doen, er is geen aanbod. Omdat ik mijn rechten wel ken, heb ik, ondersteund vanuit het juridisch huis, stappen gezet. En toen werden ze op de stad bang, en hebben ze me wel kunnen helpen. Maar ik besef dat dit geen structurele oplossing is. Om structurele veranderingen te bekomen moeten we collectief actie nemen. Een vonnis op basis van een collectieve actie zou wel kunnen leiden tot toepassing van de regels. Zo kunnen eigenaars ook onteigend worden en kan de stad de renovatie van de private woningen aanpakken om het aanbod uit te breiden.
Ik woon nu in een studio die me veel meer kost dan 1/3 van mijn inkomen. Bovendien sta ik in voor alle reparaties, ook al is de eigenaar eigenlijk verantwoordelijk. Maar hij bevindt zich in een machtspositie en wat kan je dan beginnen? Ik moest ook onmiddellijk 6 maand huur vooraf betalen en nog eens een huurwaarborg van 3 maand erboven op.Eigenaars stellen onmogelijke eisen
Veelal wordt de huurwaarborg ingehouden voor details.Men zegt dan dat de woning niet meer in de oorspronkelijke staat verkeert. Maar ga dat maar eens bewijzen in een slechte woning.
Je ziet dikwijls maar de gebreken van het huis dat je gaat huren wanneer je er al in woont en het contract al getekend is!
Beschermt een contract een huurder wel voldoende? Het is belangrijk dat er vanaf de start duidelijk wordt afgesproken wat je rechten en plichten zijn als huurder.
Iemand heeft foto's van zijn huisje meegebracht. Hij heeft alles in zijn huisje op eigen kosten opgeknapt. De eigenaar heeft duidelijk gemaakt dat hij niets meer aan het huisje wil doen. De huurder wil wel een ander huisje zoeken, maar de huurprijzen zijn allemaal veel te hoog.
Heel verhaal over een nieuwe, Turkse, eigenaar, die haar niet rechtvaardig behandelde, stiekem een andere termijn (1 jaar i.p.v. 3-6-9), invoerde, weigerde iets aan het vocht te doen enz. Jne. ging naar de sociale dienst van de stad. Deze oordeelde dar er teveel gevraagd werd in verhouding tot de toestand van de woning. De eigenaar moest het huis in orde brengen, een badkamer plaatsen. Hij reageerde echter : 'boelke buitenzetten!', maar Jne weerde zich :"Ik heb een contract 3-6-9, je moet de wet respecteren. Ik ging naar de juridische dienst van het ocmw, wardoor ik binnen de 14 dagen een sociale woning kreeg en hij zorgde dat ik schadevergoeding van de eigenaar kreeg!
Op de privé markt is het slechter. Ik wilde een electrisch boiler zetten, omdat de gasboiler steekvlammen gaf. Ik moest eerst mijn elektriciteit laten afkeuren, dan aanpassen, en dan pas kon is hem zetten! Dat maakte mijn huisbaas zeer boos.Het kan toch niet zijn dat in een stad woningen verhuurd worden die zo slecht zijn!
5. Een goede woning
Een goede woning heeft voor ons: Een badkamer, minimaal met een douche en warm water, een goede en veilige verwarming die ook verbruiks- of kostenvriendelijk is, voldoende verluchting en ruimte, een keuken met warm water, en ook voldoende plaats om eens iemand te ontvangen zonder dat we onze privacy verliezen. Dit is vooral een probleem voor wie op kamers woont of in een kleine studio. En als alleenstaande heb je meestal alleen recht op zo'n woning. Men houdt dan bevoorbeeld geen rekening met ons sociaal leven. Het onthalen van kinderen of kleinkinderen wordt dan bijzonder moeilijk of zelfs onmogelijk. We willen ook, zeker als we kinderen hebben, een eigen tuin of tenminste een woonomgeving die ruimte biedt.
6. De woonomgeving
Ik ben nog niet zolang geleden verhuisd naar een appartement en ik mis mijn tuin. Daar kon ik mij nog eens in ontspannen en ik was buiten.Ik had een goede bezigheid.
De bereikbaarheid van de woning met het openbaar vervoer is belangrijk. Ook ervaren we dat de goedkopere winkels veelal niet in onze buurt gelegen zijn. Er is nood aan sociale winkels.
*Leefbaarheid van sociale wijken: -Waar zijn mensen bang voor? Vooroordelen? °buurtbewoners die met stenen gooien en je uitmaken °ruzies °bestempeld worden als 'armoezaaiers' °zijn sociale wijken vuiler dan andere wijken? Wie zijn fout is dat? °sociale wijken worden minder onderhouden door de gemeente °sociale onderkant bvb. een buurt die de bijnaam "luizengevecht" krijgt °vreemdelingen °onveiligheidsgevoel
-Antwoorden? °Vroeger was het zo, is het dan nu beter? °Het is niet omdat het mensen zijn met lage inkomens dat die leefbaarheidsproblemen voorkomen, die verschillen vind je in alle soorten wijken °De 'betere' wijken worden door de gemeente gewoon beter onderhouden, daarom zijn zij properder dan de 'slechtere' wijken, de oorzaak ligt dus niet bij de mensen zelf. °culturele verschillen tellen mee
-Wat kan er aan gedaan worden? °De sociale mix wordt niet gezien als een oplossing. Wanneer armen en rijken kunstmatig gemixt worden zullen de onderlinge vooroordelen de mensen die het het moeilijkst hebben verdrijven. Bv. een rijk gezin dat zijn arme buren neerbuigend bekijkt en overal commentaar opgeeft. Na een tijdje zou dat arme gezin kunnen verhuizen omdat ze het beu zijn om zo behandeld te worden. Arme mensen die samen wonen schept een band. °Een kunstmatige sociale mix wordt dus niet als een oplossing gezien. Wanneer de mentaliteit echter mee groeit, kan het misschien wel lukken. Het is immers de mens die telt. Bv. wanneer een rijk gezin naast een arm gezin woont en deze twee gezinnen elkaar verdragen, respecteren,...kan sociale mix wel een goed idee zijn. °Wanneer de stoorders van een buurt verhuizen (misschien omdat de politie tussen gekomen is), wordt de buurt ook leefbaarder. °De politie komt vrij machteloos over: boefjes weten wanneer zij patrouilleren en laten zich dan niet zien °Het buurtleven weer wat leven in blazen lijkt ook een belangrijke factor te zijn. Wanneer mensen van een bepaalde buurt met elkaar praten, een gevoel van samenhorigheid, solidariteit krijgen, begrijpen zij elkaar beter, zullen ze gemakkelijker dingen van elkaar verdragen,... En wordt de buurt dus leefbaarder. Buurtactiviteiten kunnen hierbij helpen, er kan ook een buurtobservatie opgericht worden: mensen van een bepaalde buurt groeperen zich en patrouilleren door hun buurt. We beseffen wel dat dit iets is dat tijd nodig heeft om te kunnen groeien. In sommige buurten is het ook erg moeilijk om zo een groepsgevoel te ontwikkelen, bv. in de hoge woonblokken in Nieuw Gent wonen mensen vaak maar voor een korte tijd.
als je niet goed woont hebt ge geen sociaal contact en niets mee. Ik woonde in een klein werkmanswoninkje (particulier), en ik woonde toen veel beter dan later in de sociale huisvesting. Je woont haast beter in een cité, dan in zo'n blok. Nu zetten ze de studenten in die kleine woninkjes.
Dialoog: - Ik kom van de buiten, dat is gans anders dan in een stad! Hoe geraakt iemand uit de buiten in de stad wijs uit de diensten en het systeem van een stad? Hoe vind je dat alles? Het zou voor de mensen centraal moeten zijn, er zou een soort welkomstfolder moeten zijn op een centrale plaats. Het ocmw is veel te weinig gericht op kennis geven aan de mensen van wat er is. Mensen in moeilijkheden zijn moeilijk bereid om buiten te komen. Waarom zijn er nu niet meer op de vergadering hier? Er zijn toch zoveel mensen die er problemen mee hebben, waarom komen ze niet? Gebouwen moeten welkom uitstralen, wat ze niet doen. Het is hard voor zo'n gebouw te staan, niet te vinden waar je moet zijn, en niet binnen te durven.
- Er zijn plannen voor een 'sociaal huis' per wijk. - Nu is het zo dat degenen die het doen,zoals de Poverello, geen middelen hebben. Ik zie in Ledeberg een mooi gebouw van de stad, waar de infrastructuur is om maaltijden te geven, mensen ontvangen enz. Ik zie dat er weinig mee gebeurt... Zo worden te weinig bereikt..
- Een mens komt maar naar buiten als hij zich goed in zijn vel voelt, anders trekt hij zijn pootjes in.
- Ik ken iemand die buiten slaapt tegen zijn brommer. Het is geduldig werk om zo iemand te bereiken, het is moeilijk en gaat langzaam, maar het moet geprobeerd worden...
- ik begrijp dat, want vroeger was ik ook zo. Het is je tanden zetten in het weinige dat je hebt en niet lossen! Zo liet ik niemand binnen in mijn huis, ik wou zelfs in het sociaal restaurant niet te dicht bij een hulpverleenster zitten, om niet met haar te moeten praten. Ik stond voor een zwart gat, dit was een gevaarlijk punt, misschien was ik er nooit meer uitgeraakt! De vriendelijkheid van die persoon heeft mij gered. Ik had niets, maar ik was beschaamd en ook wou ik niet zeggen dat ik niets had. Zolang je die vonk niet hebt, zal er niets helpen!
- Buurtwerking is heel belangrijk, dan kan er meer gewerkt worden om mensen te bereiken. In een buurthuis moet alles van onderuit komen, niet van bovenaf.
- Zolang we het onder ons deden in de Zebrastraat, lukte het. Als ze hun er van bovenaf mee moeien is het om zeep. De buurthuizen van 't stad Gent, en de dienstencentra van het ocmw, zijn niet gemaakt voor ons. We schamen ons daar dood en worden buiten gekeken.
- Dat onderstreept het belang van samenkomen hier, niet alleen voor onszelf, maar voor al die anderen die ook naar hier komen (of nog niet).
- -Buurthuizen zouden naar de mensen moeten gaan met gratis info. Ik heb een jaar zonder inkomen geleefd in mijn eigen huis. Ik moest van de stenene eten. Je moet je verstand op 0 zetten, anders overleef je het niet. Elementaire dingen zijn : een woonst, eten, drinken, af en toe eens iets dat je een leuke dag bezorgt. We zien vreemdelingen die wel hulp krijgen. Sorry, eerst in eigen huis helpen en dan... - Het ocmw werkt veel te veel volgens het boekje, er zijn meer noden dan dat boekje! - het ocmw is al veel verbeterd, maar je moet de juiste persoon treffen.
7. Een woning kopen
Als je eigenaar wordt denken we dat we veel sociale voordelen kunnen verliezen (bijvoorbeeld het abonnement op de telefoon wordt gehalveerd in functie van het inkomen, maar als je eigenaar bent, vervalt dit recht). Toch heeft eigenaar zijn ook wel een grotere voldoening, en (zelf)waardering bijvoorbeeld in de omgang met diensten. De voorwaarden om eigendom te verwerven zijn ook onvoldoende goed. Met een hypothecaire lening betaal je driemaal je huis af. Er zou een systeem van huurkoop moeten mogelijk zijn. De wetgeving moet zeker op een aantal punten aangepast worden, om eigendom echt interessant te maken.
|

